Haarlems Dagblad: 90 mille voor onderzoek uitglijders oud-bestuurders

Er bestaan diverse soorten integriteit. Ambtelijke, politieke en bestuurlijke integriteit. Hoe hiermee om te gaan? Wat is het wettelijk kader? Zie hierover onderstaande tekst uit de circulaire van de minister van 1 februari 2016. Op die datum werd artikel 170 lid 2 van kracht in de Gemeentewet. Hierin staat dat de burgemeester de bestuurlijke integriteit bewaakt. Ook de commissaris van de koning heeft een rol: indien verhoudingen in de gemeente zijn verstoord of de integriteit in het geding is, kan hij adviseren en/of bemiddelen. Voor ons heeft integriteit vooral te maken met moreel kompas, ethiek en vertrouwen. Maar er bestaat daarnaast een wettelijk kader wat dit onderwerp dat zo belangrijk is in onze maatschappij, handen en voeten geeft.

In Bloemendaal is sprake van een groot aantal integriteitsmeldingen. Deze zijn in de afgelopen twee jaar ingediend en liggen te wachten op behandeling. Er was toegezegd dat de meldingen zouden worden onderzocht door het forensisch accountantsbureau Integis. Dat onderzoek ligt momenteel stil als gevolg van de vele geheimhoudingen.

De burgemeester schakelde een jaar geleden het CAOP in, nl het steunpunt voor burgemeesters. Dat steunpunt gaat niet zelf aan de slag met meldingen maar kan een burgemeester wel adviseren. De adviezen die zijn verstrekt aan burgemeester Roest werden door hem echter geheim verklaard. Overige correspondentie tussen het steunpunt en de burgemeester was ook geheim. Dat schoot dus niet echt op.

Vervolgens kwam de heer Heijink, wethouder en locoburgemeester (VVD), met het voorstel een commissie te benoemen waarin twee raadsleden zitting zouden nemen: de heer Schell (PvdA) en de heer Doorn (vdb). Dit was een ondoordacht plan. Raadsleden horen niet te oordelen over de integriteit van politieke ambtsdragers. Het is bovendien in strijd met het duale stelsel en de Gemeentewet. Maak van integriteitskwesties geen politiek stuntwerk. Wij drongen bij de heer Heijink aan op een andere zakelijke oplossing.

Daarop werd het idee gelanceerd dat de bezwaarschriftencommissie zich met de integriteitsmeldingen zou gaan bemoeien. Ook dat leek ons een buitengewoon slecht idee. De bezwaarschriftencommissie beoordeelt bezwaarschriften en schrijft adviezen. Het behandelen van integriteitsklachten brengt de onafhankelijkheid van de commissie in gevaar. Gelukkig is ook dit voorstel in prullenbak beland. De commissie heeft het zelf afgewezen.

Het laatste idee is dat het bureau Berenschot zich gaat bezighouden met de meldingen.

Dat kost geld. Veel geld. We zijn straks tonnen kwijt. Is dat verantwoord? Wordt ons belastinggeld op de juiste wijze besteed?

Wij hebben diverse vragen:

  • Is Berenschot voldoende onafhankelijk? Voormalig fractievoorzitter Martijn Bolkestein, VVD, werkt bij deze organisatie. Hoe zorgt het bureau dan toch voor voldoende onafhankelijkheid. Daarbij speelt ook een rol dat Berenschot vaker is ingehuurd door Bloemendaal. Dat kan een voordeel zijn maar ook een nadeel;
  • Levert het onderzoek van Berenschot een openbaar rapport op of hebben we straks in Bloemendaal weer het zoveelste geheime of vertrouwelijke rapport? Wij zijn niet voor geheime rapportages;
  • Wie gaat het onderzoek leiden? Dwz: wie fungeert als opdrachtgever? Is dat de raad, het college of de locoburgemeester of de burgemeester? Hoe is diens staat van dienst? Is deze persoon van onbesproken gedrag?
  • Het is belangrijk dat er niet iemand aan het hoofd staat van dit onderzoek die zelf onderwerp van discussie is. Tegen de heer Heijink is aangifte gedaan wegens valsheid in geschrifte. Hoewel de heer Heijink dat ontkent, is deze aangifte niet op loze gronden gedaan en zal Justitie zich hierover nog moeten uitspreken. Of is het beter dat het onderzoek wordt gedaan onder regie van de Commissaris van de Koning of misschien zelfs de Minister? Hoe meer het huidige bestuur op afstand komt te staan, hoe beter dat is lijkt ons;
  • Mocht de conclusie zijn dat er toch iets goed fout zit in Bloemendaal, dan luidt de vervolgvraag: wat nu? Een onderzoek heeft geen enkele zin als je niet bereid bent maatregelen te treffen die pijn kunnen doen;
  • Strafrechtelijk: raadslid Roos heeft bij de heer Roest melding gedaan van vermoedens van het plegen van strafbare feiten door enkele oud-bestuurders. Die melding deed zij op 5 februari 2018 en op 7 maart 2018 in bijzijn van haar advocaat. Het onderzoek dat nu wordt voorgesteld heeft geen betrekking op strafbare feiten. Wat gebeurt daar dan mee? Berenschot is niet bevoegd. Waarom wordt dit doodgezwegen? Het is merkwaardig dat veel geld wordt uitgetrokken voor een onderzoek terwijl Justitie hierover gaat.

Vandaag in het Haarlems Dagblad een artikel hierover.

90 mille voor onderzoek naar uitglijders oud-bestuurders

Laten we besluiten met onze eigen conclusie:

  1. Er is meer dan voldoende duidelijk welke malversaties in het recente verleden hebben plaatsgevonden en door wie. Als deze informatie niet wordt gedeeld met onderzoekers, dan is een onderzoek bij voorbaat kansloos;
  2. Als de bereidheid om maatregelen te treffen afwezig is dan heeft een onderzoek geen nut;
  3. Openbaarheid is ver te zoeken. Alles is nog steeds geheim. Uiteraard dient het onderzoek zelf in alle rust en beslotenheid plaats te vinden. Maar het eindrapport dient openbaar te zijn met inachtneming van de wetgeving;
  4. Personen wier handelen zelf ter discussie staat dienen niet betrokken te zijn bij het onderzoek;
  5. De commissaris van de koning dient nu actief op te treden. Op afstand blijven is geen optie meer;
  6. Geheimhoudingen is de oorzaak van veel problemen in Bloemendaal. Deze gemeente dient als eerste te streven naar openbaar bestuur. Met een onderzoek wordt deze problematiek niet opgelost;
  7. Geld kun je maar 1 keer uitgeven: als je dat doet, doe het dan goed, eerlijk en openbaar.