Emeritus hoogleraar Meindert Fennema geeft commentaar

Het Haarlems Dagblad publiceerde een artikel over de vervolging van emeritus hoogleraar Meindert Fennema. Zie: Haarlems Dagblad: Hoogleraar Meindert Fennema vervolgd? Of toch niet?

De krant: Meindert Fennema zelf weet van niets: ,,Ik heb nog niets gehoord, maar ik juich een rechtszaak alleen maar toe. Dan komt er duidelijkheid.’’ Volgens Fennema heeft hij het woord ‘gijzeling’ nooit genoemd. ,,Ik had het over opsluiting.’’ Volgens hem is iedereen met zijn uitspraak aan de haal gegaan. ,,Ook de burgemeester zaaide verwarring door eerst te zeggen dat hij zich niet herkende in wat ik vertelde en dit later weer terugdraaide.’’

Laten we ons eerst even focussen op het Wetboek van strafrecht, artikel 282 lid 1: Hij die opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid berooft of beroofd houdt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Op grond van dit artikel is het strafbaar om de burgemeester opzettelijk wederrechtelijk van zijn vrijheid te beroven of beroofd te houden. Met vrijheid wordt gedoeld op de vrijheid van beweging van  in casu de burgemeester. Wederrechtelijk wil zeggen dat het niet gebeurt op instructie van Justitie/politie. Het misdrijf kan op verschillende manieren plaatsvinden. Bijv: door de burgemeester tegen zijn wil op zijn eigen kamer op te sluiten. De vrijheidsberoving hoeft dus niet gepaard te gaan met het vastbinden van en/of het ontvoeren van de burgemeester.

Dan hebben we nog een ander artikel in het Wetboek van Strafrecht, nl artikel 282a, lid 1 en dat gaat over gijzeling: Hij die opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid berooft of beroofd houdt met het oogmerk een ander te dwingen iets te doen of niet te doen wordt als schuldig aan gijzeling gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Er is dus een verschil tussen gijzelen en opsluiten. Gijzeling richt zich op het gevangen houden van de burgemeester met het doel hem iets te laten doen of juist niet te doen.

In de radio-uitzending spreekt Fennema over opsluiting van de burgemeester op zijn eigen kamer. Dat gaat dus over artikel 282 Sr en daar staat 8 jaar gevangenisstraf op als je je schuldig maakt aan dat misdrijf.

Het is Jort Kelder die vervolgens over ‘gijzelen’ van de burgemeester spreekt. Even daarvoor zegt Fennema: ‘… zij wil dat de burgemeester een oud wethouder aanklaagt voor lekken van geheime stukken.’

Met ‘zij’ wordt raadslid Roos bedoeld. De burgemeester zou zo bezien niet alleen van zijn vrijheid zijn beroofd, maar ook zou hij gedwongen zijn om iets te doen wat hij niet wilde, nl het doen van aangifte tegen een oud-wethouder.

Al pratende weg wordt in het radioprogramma dus snel de trap naar het volgende misdrijf genomen, en dat is gijzeling. Een misdrijf waar zelfs 15 jaar gevangenisstraf op staat.

De conclusie is tamelijk eenvoudig: ook opsluiting is een misdrijf.

Het hoeft geen betoog dat het in een landelijk radioprogramma van de bekende Nederlander Jort Kelder publiekelijk verklaren dat twee raadsleden de burgemeester van Bloemendaal hebben opgesloten, zeer grote gevolgen heeft gehad voor zowel Slewe als voor Roos. Daar komt nog bij dat wij leven in een tijdperk waarin de veiligheid van burgemeesters onder druk staat. Dat is verschrikkelijk. De publieke verontwaardiging over een rechtstreekse aanval op de burgemeester en een aantasting van zijn persoonlijke en ambtelijke bewegingsvrijheid ontketent een storm van protest. Slewe en Roos hebben de volle lading over zich heen gekregen en volstrekt ongefundeerd en onterecht en dat is diep en diep triest. Deze beschuldiging is ook nog eens vlak voor de verkiezingen geuit en heeft onze partij dik schade berokkend. Nogmaals: van eerlijke verkiezingen was geen sprake in maart 2018. Slewe en Roos hebben nog altijd heel veel last van deze beschuldiging van Fennema.

Dan komen we nog even terug op de volgende commentaar van Fennema die tegenover de krant verklaart dat de burgemeester ook verwarring zaaide door eerst te zeggen dat hij zich niet herkende in wat Fennema vertelde en dit later weer terugdraaide.

Fennema zei eerder tegen de krant dat hij zich in die uitzending baseerde op naaste bronnen. Hij had het niet van de burgemeester zelf gehoord, maar van ‘bronnen’ uit de directe omgeving van de burgemeester. Dat heeft onze diepe belangstelling. Want inderdaad: de burgemeester heeft verklaard (geparafraseerd): (1) ik herken me niet in de uitlatingen van Fennema. Dit kwam als een donderslag bij heldere hemel voor mij. (2) Fennema is volwassen. De uitspraken zijn voor zijn rekening. (3) Dit is Bloemendaal onwaardig wat hier is gezegd.

Dit zijn drie stevige uitspraken van de burgemeester die hij face to face deed tegenover Roos op 5 maart 2018. Twee dagen na de bewuste radio-uitzending. Dit heeft de burgemeester helaas, wij betreuren dat zeer, niet publiekelijk herhaald. Had hij dat maar gedaan, want dan was de schade voor onze partij in ieder geval minder geweest. Dan had Hart voor Bloemendaal met opgeheven hoofd de verkiezingen kunnen ingaan.

Fennema deed zijn uitspraken dus nogmaals op basis van naaste bronnen in de uitzending van 3 maart 2018 en niet op basis van wat de burgemeester verklaarde VOOR die uitzending. Wat er vervolgens NA 3 maart 2018 gebeurde is absoluut irrelevant voor hetgeen Fennema zelf uitsprak tijdens de landelijke uitzending in het programma van Dr Kelder.

Wij vatten het als volgt samen:

  • Opsluiten van een burgemeester (tegen diens wil op zijn eigen kamer) is een zwaar misdrijf;
  • Slewe en Roos hebben de burgemeester niet opgesloten;
  • Fennema baseerde zijn uitspraken niet op uitlatingen van de burgemeester zelf maar op ‘naaste bronnen’
  • Die uitlatingen waren gedaan voor de bewuste radio uitzending van 3 maart 2018;
  • Alles wat na 3 maart 2018 is gezegd door de burgemeester, is van geen enkele invloed op de zware en onterechte beschuldiging, de smaad en laster aan het adres van Roos gedaan door Fennema in de uitzending met Jort Kelder.